Europese papierindustrie vraagt bevriezing van ETS-benchmarks
Net als andere industriële sectoren en verschillende nationale regeringen roept de Europese papier- en pulpindustrie de Europese Commissie op om de huidige benchmarkwaarden binnen het Europese emissiehandelssysteem (EU ETS) te behouden voor de periode 2026-2030. Volgens de sector dreigt anders jaarlijks ongeveer 1 miljard euro aan investeringscapaciteit voor koolstofreductie verloren te gaan.
De Europese papier- en pulpindustrie beschikt volgens sectororganisatie Cepi over een strategische troef in de ondersteuning van de Europese klimaatdoelstellingen. De Europese bio-economie vertegenwoordigde in 2023 een waarde van 2,7 biljoen euro, goed voor ongeveer 5 procent van het Europese bbp. Wereldwijd wordt het groeipotentieel van deze bio-economie geraamd op 6,6 biljoen euro. De papiersector behoort bovendien tot de weinige industrieën waarin Europa vandaag nog een duidelijke concurrentiële voorsprong heeft.
Volgens Cepi houdt een recent voorstel van de Europese Commissie voor de herziening van het EU ETS onvoldoende rekening met dat potentieel. Het voorstel, dat momenteel wordt besproken binnen de Raad van de Europese Unie, voorziet in een actualisering van de ETS-benchmarks. Voor vrijwel de volledige papier- en pulpindustrie zou dit neerkomen op een verlaging van 50 procent, het maximaal toegelaten aanpassingspercentage.
Die aanpassing is gebaseerd op gegevens uit 2021 en 2022 en houdt volgens de sector onvoldoende rekening met de uitzonderlijke omstandigheden waarmee energie-intensieve industrieën de voorbije jaren zijn geconfronteerd, zoals sterk gestegen energieprijzen en geopolitieke onzekerheid.
"Dankzij het EU ETS als investeringsinstrument hebben we onze uitstoot van broeikasgassen sinds 2005 met meer dan 50 procent verminderd”, stelt Jori Ringman, directeur van Cepi. “Maar de weg naar klimaatneutraliteit tegen 2050 wordt moeilijker. De voorgestelde benchmarkverlagingen zijn gebaseerd op inmiddels achterhaalde prognoses die geen rekening houden met de huidige marktomstandigheden. Daardoor dreigt het behalen van onze klimaatdoelstellingen bijzonder moeilijk te worden."
Concurrentievermogen onder druk
De voorgestelde benchmarkverlagingen zouden volgens Cepi ook het concurrentievermogen van Europese producenten aantasten. Papierfabrikanten buiten Europa worden immers niet geconfronteerd met vergelijkbare koolstofkosten. Recente analyses tonen aan dat ongeveer 80 procent van de wereldwijde koolstofkosten wordt gedragen door Europese bedrijven en consumenten.
Omdat de sector het ETS al jarenlang gebruikt als financieringsinstrument voor investeringen in verduurzaming, pleiten de Europese papierproducenten ervoor om de benchmarkwaarden uit de periode 2021-2025 ongewijzigd toe te passen tijdens de periode 2026-2030. Dat moet verdere investeringen in koolstofreductie mogelijk maken zonder de concurrentiekracht van een sector die essentieel is voor een post-fossiele economie te ondermijnen.
Investeringen dreigen te vertragen
Hoewel de papierindustrie er de afgelopen jaren in slaagde haar afhankelijkheid van fossiele energie sterk terug te dringen, verwacht de sector dat de volgende stappen richting klimaatneutraliteit aanzienlijk meer investeringen zullen vergen. Volgens Cepi zullen de jaarlijkse investeringen ongeveer zeven keer hoger moeten zijn dan vandaag.
De voorgestelde ETS-aanpassingen dreigen volgens de sector echter het tegenovergestelde effect te hebben. Ze zouden jaarlijks ongeveer 1 miljard euro uit de investeringscapaciteit van de Europese papierindustrie wegnemen en de terugverdientijd van verduurzamingsprojecten aanzienlijk verlengen.
Cepi verwijst daarbij naar een voorbeeld van een investering van meer dan 250 miljoen euro in één papierfabriek om de productie voor 98 procent fossielvrij te maken. Bij een CO2-prijs van 70 euro per ton levert dat jaarlijks ongeveer 10 miljoen euro aan besparingen op, wat resulteert in een terugverdientijd van meer dan 25 jaar.
Ook kritiek op biomassadrempel
Daarnaast wijst de sector op de rol van secundaire biomassa – biogebaseerde reststromen uit het papierproductieproces – voor de opwekking van warmte. De huidige ETS-regelgeving sluit installaties met meer dan 95 procent biomassagebruik uit van bepaalde compensatiemechanismen.
Volgens Cepi benadeelt die regeling net de bedrijven die vroeg hebben geïnvesteerd in de omschakeling naar hernieuwbare energie. Door het verlies van gratis emissierechten zouden ondernemingen zelfs minder geneigd kunnen zijn om verdere stappen weg van fossiele brandstoffen te zetten.