Slimmer printen in het tijdperk van AI
Xeikon zet deuren open voor Innovation Days
"Print. Smarter. Together." Met die baseline nodigde Flint Group Digital Xeikon klanten, partners en andere professionals uit de grafische industrie uit naar zijn Global Innovation Center in Lier. Het centrale thema van het event was artificiële intelligentie. Wat betekent AI voor de grafische productie en voor de relatie met de klant?
Walter Benz, de CEO van Flint Group Digital Xeikon, opende de Innovation Days met een blik op de positie van Xeikon binnen de bredere Flint Group. De groep realiseerde in 2025 met 5.000 werknemers een omzet van 1,2 miljard euro. Per marktsegment bekeken, waren de inkten voor flexibele verpakkingen goed voor 472 miljoen euro, inkten voor papier en karton kwamen uit op 326 miljoen euro. In de vellenoffsetmarkt realiseert de groep 168 miljoen euro omzet, voor narrow web gaat het om 165 miljoen euro. Xeikon, met zijn digitale printoplossingen voor onder meer labels en golfkarton, vertegenwoordigt 117 miljoen euro.
Benz vatte de uitdaging voor alle segmenten in één zin samen: "Klanten moeten tegenwoordig meer doen met minder." Oplages worden kleiner, de variatie neemt toe, doorlooptijden worden korter en tegelijk stijgen de verwachtingen van klanten. Automatisering is daarop al langer een antwoord. AI voegt daar nu een nieuwe laag aan toe.
Van customer journey naar AI-agent
Dat was ook de rode draad in de keynote van auteur Steven Van Belleghem. Onder de titel 'The CX Renaissance' keek hij verder dan de huidige AI-hype. Zijn centrale vraag: wat gebeurt er met de relatie tussen bedrijf en klant wanneer AI-agents straks een deel van het zoek-, selectie- en aankoopproces overnemen?
Vandaag begint een customer journey steeds vaker niet meer op de website van een leverancier of zelfs via een klassieke zoekmachine, maar met een vraag aan ChatGPT, Claude of een ander AI-platform. Dat heeft consequenties. Bedrijven moeten niet alleen gevonden worden door mensen, maar ook door de AI-systemen die informatie voor hen selecteren.
Van Belleghem wees daarbij op het belang van onlineautoriteit en wat hij 'citeerbare inhoud' noemt: betrouwbare inhoud die door Large Language Models als geloofwaardige bron kan worden herkend en gebruikt.
Ook voor grafische bedrijven is dat niet onbelangrijk. Als klanten een AI-agent vragen om leveranciers, productiemogelijkheden of verpakkingsoplossingen te vergelijken, wordt de vraag: geraak je als grafisch bedrijf überhaupt nog door die eerste digitale filter?

Minder touchpoints, meer fysiek contact
Op het eerste gezicht lijkt dat vooral een verhaal over efficiëntie. Volgens Van Belleghem gaat de werkelijke impact van AI echter veel verder. Technologie kan een toenemend aantal interacties tussen klant en leverancier overnemen. Communicatie verschuift daarbij van push naar pull en personalisatie kan veel verder worden doorgedreven. Daar zit tegelijkertijd een paradox. "We hebben nog nooit zoveel technologie gehad, en ook nog nooit zoveel ontevreden klanten", stelde Van Belleghem.
Wanneer AI-agents het aantal rechtstreekse contactmomenten tussen merk en consument verminderen, worden de resterende fysieke contactpunten juist waardevoller. Van Belleghem verwees daarbij onder meer naar de 'unboxing experience'. En precies daar wordt het voor de grafische sector interessant: verpakkingen, labels en drukwerk behoren tot de tastbare momenten waarop een merk nog rechtstreeks bij zijn klant binnenkomt. AI zou zo de waarde van goed geproduceerd fysiek drukwerk kunnen versterken.

AI naast de drukpers
Tijdens het aansluitende panelgesprek werd de vertaalslag gemaakt van visie naar grafische productie. Moderator was Danny Mertens, marketingmanager bij Flint Group Digital Xeikon. Op het podium zaten naast Steven Van Belleghem ook Jurgen Devlieghere, vp R&D Flint Group Digital Xeikon, Jan De Roeck, marketingdirecteur van Esko en Niklas Olsson, productmanager Flint Group Packaging Solutions.
Volgens Devlieghere wordt er bij Xeikon bijvoorbeeld gewerkt aan toepassingen waarbij een chatbot operators kan ondersteunen bij vragen over complexe maar essentiële onderwerpen zoals kleur in het printproces. Ook de gegevens die digitale persen tijdens de productie genereren, bieden mogelijkheden. Door die data te monitoren en te interpreteren, kan een systeem feedback geven en operators ondersteunen.
De Roeck wees er tegelijkertijd op dat vertrouwen een belangrijk aandachtspunt blijft. AI vindt zijn weg naar de workflow en kan vandaag al helpen bij technisch prepresswerk, maar bij kwaliteit, compliance en het testen van software blijft menselijke controle noodzakelijk.
Dat laatste is zeker in verpakkingsproductie niet onbelangrijk. Olsson wees onder meer op het toenemende belang van regelgeving, compliance en recycleerbaarheid. Automatisering kan processen ondersteunen, maar ze ontslaat producenten niet van de verantwoordelijkheid om te controleren of het eindresultaat technisch en wettelijk klopt.
Wie vandaag aan een AI-roadmap wil beginnen, moet volgens Devlieghere niet starten bij AI, maar bij zijn eigen productieproces. Begrijp eerst hoe dat proces loopt en waar de knelpunten zitten. Pas daarna heeft het zin om te bekijken waar AI waarde kan toevoegen. Wie een slecht begrepen proces simpelweg met AI probeert te automatiseren, riskeert vooral een slecht geautomatiseerd proces over te houden. Dat klinkt minder spectaculair dan de belofte van volledig autonome AI-agents, maar voor een productieomgeving is het wellicht een stuk relevanter.
Persen in productie
Na de theorie volgde in Lier de praktijk. Xeikon had samen met 24 technologiepartners een productieomgeving opgebouwd waarin bezoekers oplossingen voor onder meer prepress, workflow, materialen, veredeling, finishing, kwaliteitscontrole en brand protection konden bekijken. In het Global Innovation Center draaiden verschillende digitale persen live met toepassingen voor onder meer zelfklevende labels, flexibele verpakkingen en karton.
Een van de machines die daarbij onze aandacht trok, was de IDERA IX164HD, die door Kris Nuyts, testcentermanager bij Flint Group Digital Xeikon, werd gedemonstreerd. De inkjetpers is bedoeld voor de digitale productie van golfkarton en illustreert tegelijk hoe breed Xeikon zijn digitale activiteiten inmiddels positioneert.
Daarnaast werd de Ecolyne voorgesteld. Het gaat om een dry-toner digitale labelpers voor voedselveilige toepassingen en algemene labelproductie. Het systeem werkt met vijf kleuren (CMYK + wit), haalt een resolutie van 1.200 dpi en produceert aan snelheden tot 25 meter per minuut op een webbreedte van 330 mm. De pers ondersteunt uiteenlopende labelsubstraten.
De Ecolyne wordt vermarkt via een abonnementsmodel. De kern van het concept is eenvoudig: klanten kopen de digitale labelpers niet aan, maar betalen een vast maandelijks bedrag voor toegang tot productiecapaciteit. Xeikon staat daarbij in voor installatie, onderhoud en uptime van het systeem. Volgens de fabrikant biedt dat een voorspelbare kostenstructuur en vermijdt het hoge initiële investeringen.
Met Ecolyne mikt Flint Group Digital Xeikon vooral op kleinere converters en drukkers die hun digitale activiteiten willen uitbreiden of voedselveilige labelproductie intern willen opstarten. "Veel drukkers willen inzetten op digitale labels, maar willen hun kapitaal niet meteen vastleggen in een investering", zegt Frank Jacobs, senior productmanager bij Flint Group Digital Xeikon. "Met Ecolyne krijgen ze toegang tot industriële digitale productiecapaciteit via een vaste maandelijkse kost, terwijl Xeikon de technische verantwoordelijkheid op zich neemt."